Jammer, ik kan je alleen nog maar toevoegen: Je begrijpt me echt verkeerd. Lees al mij post maar even na in dit topic. Blijkbaar is mijn onderschrift op dit moment helaas van toepassing.............
Ik hoop maandag wel weer te posten. Ik heb genoeg stof tot nadenken nu........
Luther schreef:Het is werkelijk verbijsterend dat Oude Paden spreekt over een verarming, terwijl er méér predikanten komen.... (Ik snap het domweg niet!)
Ik zou heel eenvoudig willen zeggen: de laatste jaren maakt de Heere meer bemoeienissen met de GGiN. Wat is dat een wonder! (En dat zeg ik als GG'er.)
Kunnen we ons nog iets voorstellen bij leven in een dal van dorre doodsbeenderen?
In de jaren '90 stonden ds. Mallan en ds. Roos er even alleen voor. Student J.C. van der Kuijl was afgezet. En nu: in plaats van de vaderen zijn de zonen opgestaan! En hoe? Ik acht dat het evenwicht van de Schrift langzamerhand weer aan het terugkeren is, omdat de preekstoel vrijwel nooit meer als steekstoel gebruikt wordt. (En daardoor bepaalde leerstukken overgeaccentueerd werden.)
Er mag een nieuwe generatie predikanten zijn (meervoud!). Er zijn studenten (meervoud). En dan lees ik hier eigenlijk (men zegt het niet, maar het komt er bijna op neer): Zie je wel, 't zijn er nu al 6. Da's een teken van het einde!
Ik vind dat zo erg. Ik ken ds. Van Voorden heel goed, ds. Geuze en ds. Roos ietsje minder, de anderen niet, maar wat een betrokken pastors zijn dat! De Heere werkt in de GGiN en wij weigeren het te zien. Nogmaals: eerst 2 predikanten en nu naast nog steeds ds. Mallan: Geuze, Krijgsman, Roos, Schultink, Treur, Van Voorden, Weststrate.
En kom nu niet aan met het argument: het zit 'm niet in het getal, want er staat ook in de Schrift dat in de veelheid der onderdanen des Konings heerlijkheid gelegen is.
Pas ervoor op om Gods werk verdacht te houden, dat deden de Farizeeën ook. Zij verweten de Heere Jezus dat Hij duivelen uitwierp door de Beëlzebul, terwijl Hij Zelf Zijn heerlijke macht aan het tonen was.
Ik merk bij de contacten die ik in de GGiN heb en de preken die ik af en toe hoor, dat men (terug)wil naar de eenvoud van de Schrift en dat aan het hart wil leggen. Misschien lijkt het minder bevindelijk of minder diepgaand, maar misschien zijn dat wel dieptes geweest die buiten de Schrift omgingen.