Ik denk dat Afgewezen het over een ander aanbod heeft, dan Bert bestrijdt....Afgewezen schreef:En daarom, Klavier, hebben Bert en Afgewezen níet allebei gelijk.
De dubbele predestinatie is een oer-gereformeerd leerpunt. Hoewel niet door alle reformatoren zo 'strak' geleerd als Calvijn.
Luther trok de lijnen wat anders, en ook Augustinus ging niet zover als Calvijn. De DL nemen ook een wat genuanceerdere houding aan. Verkiezing met als oorzaak Gods soevereine daad van liefde, verwerping met als oorzaak de zonden van de mensen. De DL bestreden hiermee de remonstranten die de gereformeerden een standpunt in de schoenen wilden schuiven die God verantwoordelijk maakt voor de zondeval en daarmee de oorzaak van de verwerping. Arminius wilde middels deze karikatuur God tot de auteur van de zonde aanwijzen om zijn eigen leer als gezonde tegenhanger aan de man te brengen.
Gomarus deel deze 'voorstelling' van het gereformeerde leer af als 'hatelijke voorstelling'. Het antwoord van Arminius dat er een inconsistentie zou zitten in het prediken van Christus en de verwerping (arminius bleef nadruk leggen op de verwerping om Gomarus 'om' te krijgen) werd door Gomarus gepareerd met de legendarische uitspraak van dan maar liever een kreupele leer te hebben dan een dwaalleer.
Laten we ervoor oppassen Calvijn niet voor het arminiaanse-karikatuur-karretje te spannen! Hier moeten we echt niet uitkomen. Calvijn leerde inderdaad een actieve verkiezing en verwerping. De DL meer een actieve verkiezing en daaruit afgeleidt een niet-verkiezing, zijnde de verwerping. In de praktijk maakt dat niet uit. Geen mens wordt van nature als uitverkorene geboren. Maar wel als reeds onder het oordeel liggend. De werkelijkheid is dat genade nodig is voor iedereen. Daarom dient dat ook met klem gepredikt te worden. Calvijn en Luther stonden in de praktijk van de prediking daarin zij an zij. De theologische ondergrond verschilde, maar de uitwerking naar de prediking verschilde niet.
Ik ervaar het zo dat Bert zich vooral dogmatisch verweert zonder de pastorale kant van de zaak te (willen?) zien. Mijn eigen standpunt ten aanzien vanhet aanbod is meer gericht op de praktijk van de prediking en de toepassing van het heil. Dat ontbreekt helaas geheel in de argumentatie van Bert. Hoe een zondaar zich moet vastklemmen aan Gods beloften in de nood van zijn ellende. Het zoeken van de zaligheid buiten jezelf als er geen aanbod is van die zaligheid wordt onmogelijk gemaakt door de dogmatische waarheid op de voorgrond te plaatsen. Ik mis het juiste evenwicht tussen leer en prediking van wet en evangelie. De reformatie heeft de leerdiensten nadrukkelijk onderscheiden van de prediking. Het waren de Arminianen die van de leerdienst afwilden, wat onbespreekbaar was in 1618.19. Dat leert ons dat het onderscheid tussen de morgendienst en middagdienst (avond) zeer bewust was. Maar ook dat beide leer en prediking belangrijk zijn. Niet het ene inwisselen voor het andere. Niet zaak A wegstrepen tegen B en ook niet B wegstrepen tegen A. En als we dat niet kunnen begrijpen: gewoon laten staan. Calvijn meende het wel te kunnen begrijpen. En andere theologen ook. Niets wegredeneren als het niet past. Het is uiteindelijk niet een menselijk getuigenis waar we mee theologiseren maar een Goddelijk spreken waar geen letter aan toegevoegd mag worden en geen letter mag afgedaan worden.
We kunnen het aanbod van genade zo uitvergroten dat het ten koste gaat van de gereformeerde opvatting van de dubbele predestinatie. Andersom ook.
Daarom durf ik te zeggen dat we allemaal hier (deels)gelijk hebben en lvooral angs elkaar heen praten. We verschillen in bepaalde conclusies. Zolang die niet leiden tot een ontkenning van welke Bijbelse tekst dan ook kan ik er begrip voor opbrengen.
Veel nadruk ligt inmiddels in het bestrijden van het tegen-argument van Bert. Mijns inziens is het geen tegen-argument maar mede-argument en moeten we dat Bert duidelijk zien te maken.
@Bert, het remonstrantse aanbod legt de rechtsgrond van het aanbod in de algemene verzoening en maakt daarmee de vervulling afhankelijk van de keuze en wil van de mens en ontneemt God zijn eigenschap van Soevereiniteit. De onwederstandelijke genade wordt daarin ontkend. Daar is Christus ook enkel nodig om te lijden en te sterven, maar niet als persoonlijke Zaligmaker. Enkel als universele afstandelijke 'Genoegdoener'. Dit aanbod wil niemand hier verdedigen. Toch leg je dat er steeds in. Daarmee maak je toch wel karikaturen die met allerlei citaten eenvoudig te weerleggen zijn. Maar in wezen slaan ze als een tang op een varken. Je draait daarmee om de werkelijke probleemstelling heen.
Ik zou jou visie op het komen tot geloof dat zich aan de beloften vastklemt willen vernemen. Niet het of en het wat van het geloof, maar het 'hoe'.
Nu het standpunt waar het om gaat: Het gereformeerd/puriteinse aanbod legt de rechtsgrond in de algenoegzame offerande van Christus aan het kruis. Door geloof en bekering te prediken, door Christus als de Weg voor te houden, door Hem te prediken wordt IN HEM de genade aangeboden. Niet als vrije keuze, maar om uit de liefde die in deze weg door de Heilige Geest wordt gewerkt, tot God in Christus getrokken te worden. Om Hem uit vernieuwde wil in alle gebrekkigheid na te volgen. Als liefdedienst in plaats als slaafse keuze van de zogenaamde vrije wil.
De dubbele predestinatie geeft het geloof haar zekerheid dat het vast ligt buiten de mens in Christus, van voor de grondlegging der wereld besloten. Dat God alles doet in de tijd van wat voor de grondlegging der wereld is besloten. Als God het Zelf zegt kan daar geloof op gegrond worden. Dit is de spits waar Calvijn de zekerheid van het geloof op bouwde als verweer op Rome. Dat punt is een van de pijlers van het gereformeerde bouwwerk.
Onwederstandelijke genade: Het is niet tegenstrijdig met het gereformeerde aanbod van genade. Dat is een misvatting die steeds weer de kop opsteekt. Door misverstaan van de samenhang tussen dogmatische leerstellingen en de praktijk van de prediking.
Een radicaal geluid als Bert laat horen kan ons scherp houden. Neemt niet weg dat ik persoonlijk de visie van Bert veel te dogmatisch en te weinig pietistisch vindt.
Ik denk dat daar tevens een deel van het wederzijdse onbegrip ligt. Het ontbreken van het bevindelijke klimaat in de kringen van Bert, kan tot gevolg hebben van het niet weten wat het probleem is als een zondaar uit ondervinding snakt naar genade en er niet bij mag vanwege de dogmatische hindernis die er dán wordt opgeworpen. Gelukkig kan zaligworden ook zonder dogmatiek, ja, het moet zelfs zonder dogmatiek. Zelfs zonder Calvijn etc. Helemaal leeg. Niets meer hebben aan kennis, aan gevoel, aan wat dat ook. Enkel zonde en schuld. Dan is Christus echt de Enige die we moeten hebben. En dán IS Hij er ook. Onvoorwaardelijk. Zonder hindernissen. Welmenend aangeboden. Alleen het geloof ziet dat. Nog voor de verkiezing is vastmaakt.
Het tot het geloof komen is een vastklemmen aan de beloften. Zonder bovenstaande aanbod heeft geen mens op grond van Gods Woord een fundament om te mogen geloven. Zelfs de meest ontdekte zondaar niet. Iets wat God niet aanwijst als zijnde voor hem of haar mag nooit worden geëigend. Dan is mijn vraag aan de mensen die het aanbod afwijzen: Hoe werkt de Heere het geloof? Hoe leert God een zondaar te zien op Christus, om de leven uit de beloften? En dit zonder de bevinding tot grond te maken. Maar door enkel te weten: Ik heb het zelf uit Zijn Mond gehoord. Hoe is dit mogelijk zonder aanbod? Wie kan me dat uitleggen?
@Jongere en Pietjebel: Mooi verwoord. Ben ik het mee eens.
@J.G.Walter: Waardevolle onderstreping als getuigenis van waar het nu echt om gaat!